mijn aanwezigheid

mijn aanwezigheid

De Onvrije Freelancer

pogingen tot impactGeplaatst door Joost Vandecasteele vr, juni 12, 2015 14:54:51

(Column voor De Standaard)

‘Je moet ook aan jezelf denken.’ Zo luidde het argument van ex-voetballer en columnist-commentator Jan Mulder om zijn royaal vergoede overstap van Het Nieuwsblad naar Het Laatste Nieuws te verantwoorden. Van het concern Mediahuis naar het concern De Persgroep. Het bedrag van ongeveer 5.000 euro per column werd snel ontkend door de betrokken partijen, weliswaar niet door een ander en lager bedrag te vernoemen, maar door te vermelden dat het merk Mulder zal aangewend worden voor marketingdoeleinden. De krant moet ook aan zichzelf denken, nietwaar. Aangezien een spraakmakend stukje van zijn hand extra bezoekers naar de website kan lokken waar reclamebanners hen opwachten om te tonen hoe comfortabel Koen Wauters toch zit in die meubelen van Morres en hoe heerlijk Hugo Claus Franse kazen vond.

Maar wanneer verglijdt aan zichzelf denken naar totaal egoïsme en wanneer verliest een krant haar geloofwaardigheid van corrigerende kracht tegen machtsmisbruik als ze op haar eigen redactievloer wantoestanden toelaat? Waarom wordt een exuberant hoog bedrag voor Jan Mulder verantwoord als ‘betaald conform zijn marktwaarde’ en waarom worden protesten tegen de steeds lagere vergoedingen voor freelancers afgewimpeld met ‘het is nu eenmaal crisis in de media’.

Het woord freelancer blijft een heerlijke ironie in zich dragen, net zoals de termen friendly fire of sociale media. Want dat free in freelancer behoort volledig toe aan de werkgever. De vrijheid om de persoon in kwestie elk moment te kunnen ontslaan, om geen verzekering te moeten aanbieden en geen pensioen te moeten helpen opbouwen. Elk tegenargument dat de freelancer zelf vrij is om zijn of haar diensten (want ook kranten hanteren nog een loonkloof) aan te bieden aan wie dan ook binnen de sector, wordt tegengesproken door bestaande exclusiviteitscontracten. In tijden waar twee grote mediaconcerns de plak zwaaien, betekent dat dus dat de keuze voor een titel bij één concern een kans bij een lid van het andere concern uitsluit.

Ja maar, ja maar, hoor ik u mompelen, dan kunnen ze toch terecht bij verschillende titels in dezelfde concern. Dat klopt en dat gebeurt, maar zonder enige voordelen. Zo kan één bepaalde foto in verschillende kranten gebruikt worden zonder dat de fotograaf in kwestie daar een cent extra voor krijgt. Laten we dus stoppen met freelancers te beschouwen als ongebonden gelukzoekers, want de definitie van keuzevrijheid is de vrijheid hebben om te kiezen – het ultimatum ‘freelance of niks’ is geen keuze.

De romantiek van het vak

Ik ontken allesbehalve dat het moeilijke tijden zijn voor journalistieke projecten, zeker voor papieren instituten in concurrentie met het internet. De oude gloriedagen zijn voorbij en het geld is schaars. Dat weet ik. Zoals ik weet dat mij nu hypocrisie verweten kan worden, hoe ik betaald zal worden voor deze tekst door te bijten in de hand die mij voedt en waarschijnlijk volgende week in een ander blad zal opduiken. Maar net als Mulder ben ik een van de uitzonderingen. Zij die zoiets kunnen zeggen zonder bang te moeten zijn dat ze niet meer opgebeld worden. En het siert een krant als deze dat ze zoiets toelaat.

Maar het siert geen enkele krant of welke publicatie ook die beweert deel uit te maken van de vierde macht, als ze zich daarna plooit naar de ondankbare grillen van de markt. Als ze blijft teren op de romantiek van het journalistieke vak en op het engagement van pas afgestudeerden door hen het opstapje van los naar vast contract wel te beloven, maar dat niet waar te maken. En zeker niet als ze met afschuw reageert op massale afvloeiingen bij bedrijven en op excessen inzake ongelijkheid, maar binnenshuis dezelfde vergoelijkende woorden gebruikt als wie ze viseert.

En meneer Mulder, elke cent is u gegund en u mag deze bijdrage volledig toeschrijven aan jaloezie. Maar ik hoop wel van harte dat uw eerste column bij Het Laatste Nieuws doordachter is dan ‘Ik moest wel ja zeggen, want ik wou niet op straat belanden’. Als u na zo’n carrière, binnen de sport en binnen de media, echt nog armoede moet vrezen, dan stel ik geen andere krant voor, maar een betere boekhouder.



  • Reacties(0)//blog.joostvandecasteele.be/#post128